In de afgelopen vijftig jaar is het aantal dodelijke verkeersongevallen in Amsterdam flink gedaald. Echter, op landelijk niveau is het aantal ernstig verkeersgewonden de afgelopen jaren juist gestegen en de gemeente Amsterdam ziet geen reden om aan te nemen dat ze afwijkt van deze landelijke trend. De gemeente Amsterdam zet actief in op verkeersveiligheid en heeft 31 Safety Performance Indicators (SPI’s) gedefinieerd om de effectiviteit van verkeersveiligheidsbeleid te monitoren. Deze zijn in 2015 opgesteld en onlangs zijn de nulmetingen voor al deze indicatoren uitgevoerd.
Fiets voor Safety Performance Indicators | Royal HaskoningDHV
Royal HaskoningDHV is gevraagd om de nulmetingen van twee SPI’s uit te voeren: “het percentage weggebruikers dat nuchter is” en “het percentage weggebruikers dat niet wordt afgeleid door de smartphone”. Bij nuchtere weggebruikers gaat het om verkeersdeelnemers die geen verdovende middelen, alcohol of medicijnen gebruikt hebben. Ruim 1.500 respondenten hebben hun gebruik van middelen, die de rijtaak beïnvloeden en telefoongebruik van de laatste 12 maanden in Amsterdam, per gebruikt vervoermiddel gerapporteerd. 

84% Nuchtere autobestuurders

In de achtergrondrapportage is de verantwoording van de onderzoeksopzet en uitvoering beschreven, waarbij we onder andere in gaan op zelfrapportage, steekproefgrootte en verspreiding vragenlijst. Ook is ingegaan op resultaten per ondervraagde doelgroep (inwoners Amsterdam, bezoekers Amsterdam en toeristen). De belangrijkste conclusies zijn dat 84% van de respondenten (die autobestuurder in Amsterdam zijn) heeft aangegeven nooit een auto te besturen na gebruik van alcohol of medicijnen met gele of rode sticker, softdrugs of harddrugs. Voor fiets, snorfiets, bromfiets en voetganger is dit respectievelijk 50, 70, 61 en 46%.

Telefoongebruik in het verkeer

80% van de respondenten (die autobestuurder in Amsterdam zijn) heeft aangegeven de smartphone niet te gebruiken, handsfree te gebruiken of alleen voor navigatie te gebruiken, tijdens het besturen van de auto. Voor fiets, snorfiets, bromfiets en voetganger is dit respectievelijk 57, 57, 77 en 70%.

Conclusies en vervolg

Deze eerste meting van middelengebruik in het verkeer maakt inzichtelijk dat respondenten dus wel deelnemen aan het verkeer na gebruik van rijtaak beïnvloedende middelen. Ook gebruiken een aantal van hen de telefoon tijdens verkeersdeelname. Het gehele rapport dient als belangrijke input voor het te formuleren verkeersveiligheidsbeleid in Amsterdam. 

De gekozen onderzoeksmethode, (zelfrapportage), maakt het mogelijk om deze metingen periodiek te herhalen, om na de nulmetingen het effect van het beleid te monitoren. In het onderzoeksrapport zijn aanbevelingen gedaan voor deze vervolgmetingen.