Een groot aantal Nederlandse musea gaat concreet aan de slag met verduurzaming van hun vastgoed, het beheer en gebruik hiervan. Op initiatief van de Museumvereniging en met bijdragen van Stichting Doen en Mondriaan Fonds neemt Royal HaskoningDHV de projectleiding op zich en adviseert daarnaast de deelnemende musea in het verduurzamingstraject.

Op de foto de aanwezige partijen tijdens de startbijeenkomst: Anne Frank Museum, Amsterdam Museum, Hermitage, Stedelijk Museum Amsterdam, Van Abbemuseum, Nemo Science Museum, Museum de Fundatie, Scheepvaartmuseum, Kröller-Müller museum, Museum het Valkhof, Joods Historisch Museum, Koninklijk Instituut voor de Tropen, Van Gogh Museum, Museumvereniging, RCE, BNO, Kossmann.dejong, Dutch Green Building Council en Royal HaskoningDHV.


Het project is een direct vervolg op een opdracht van de gemeente Amsterdam en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland waarbij Royal HaskoningDHV een duurzaamheidsnulmeting uitvoerde bij grote musea in Amsterdam. Volgens de uitgangsprincipes van BREEAM-NL In-Use gaan de deelnemende musea concrete maatregelen nemen om de gebouwen te verduurzamen. Dit keurmerk beoordeelt de duurzaamheidsprestaties van bestaande gebouwen, waarbij wordt gekeken naar het gebouw, beheer en het gebruik. Deze drie onderdelen zijn vervolgens gesplitst in negen verschillende duurzaamheidscategorieën, zoals energie, transport en water.

Samen voor verduurzamen Nederlandse musea

Het initiatief ontstond vanuit de wens van gemeente Amsterdam om de gehele stad duurzamer te maken. Daarbij is de gemeente ambitieus van start gegaan: het verduurzamen van icoonprojecten, de Amsterdamse musea. Stedelijk Museum Amsterdam, het Amsterdams Historisch Museum, NEMO Science Museum, het Anne Frank Museum, het Scheepvaartmuseum, de Hermitage, het Joods Historisch Museum en het Koninklijk Instituut voor de Tropen (Tropenmuseum) namen deel aan de nulmeting. Ook provincie Overijssel haakte aan. Voor beide locaties van Museum de Fundatie, het Paleis a/d Blijmarkt in Zwolle en Kasteel het Nijenhuis in Heino/Wijhe is ook een nulmeting uitgevoerd. De Museumvereniging nam hierna het initiatief om met deze musea, aangevuld met Museum het Valkhof, Fries Museum, Princessehof en het Kröller-Müller Museum, concrete vervolgstappen te zetten.

Van initiatief naar concreet resultaat

De projectleiding is in handen van Royal HaskoningDHV, die tevens als BREEAM-NL In-Use expert alle deelnemende musea zal ondersteunen bij het concretiseren van duurzaamheid. Projectleider en duurzaamheidsadviseur Ragna Clocquet: “Voor duurzaamheid geldt dat je moet weten waar je staat, om te bepalen waar je heen gaat. Bij de nulmeting keken we naar drie elementen: het gebouw, het beheer en het gebruik. Bij het gebouw kun je denken aan een energielabel. Onder beheer valt bijvoorbeeld het functioneren van de klimaatinstallaties. En als het gaat over gebruik, hebben we het onder andere over de milieu-impact van het vervoer naar het museum. In het vervolgtraject helpen we de musea om concrete invulling te geven aan verduurzaming. We verdelen de BREEAM In-Use methodiek in kleine stappen, die stuk voor stuk – of stap voor stap – opgepakt kunnen worden. Elk museum gaat aan de slag met een ander onderwerp. Opgedane kennis en ervaring wordt gedeeld. Hierdoor wordt het voor de deelnemers steeds eenvoudiger om andere onderwerpen ook op te pakken en daarmee een extra stap te zetten in het verduurzamen.”

Unieke samenwerking

De musea staan niet alleen in het verduurzamen. Het projectplan voorziet in een unieke samenwerking. Het Van Gogh Museum, als eerste museum gecertificeerd volgens BREEAM-NL In-Use, is als ervaringsdeskundige betrokken bij het project. De BNO, Beroepsorganisatie Nederlandse Ontwerpers, zal haar creativiteit inbrengen bij twee specifieke onderwerpen: communicatie over duurzaamheid naar de bezoekers en duurzaam omgaan met op- en afbouw van tentoonstellingen. De RCE, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, draagt zorg voor kennisdeling via een nieuw op te zetten platform op de website van RCE. Ragna: “Dat belang wordt gehecht aan dit project toont de deelname van vele partijen aan. Maar ook aan andere musea in Nederland is in dit projectplan gedacht. Kennis die wordt opgebouwd, wordt omgezet naar bruikbare formats, waarmee in principe elk museum in Nederland een stap kan zetten in het verduurzamen van hun vastgoed.”

Een duurzame toekomst

Ragna is trots op het project. “Het is een eervolle taak om bij te dragen aan het verduurzamen van musea. Dat begint bij bewustwording en weten waar je staat. Aan de slag gaan en concrete stappen zetten, leidt tot duurzamere musea. Het is een manier om te besparen en bewuster naar bedrijfsvoering te kijken. Duurzaamheid wordt hiermee aantoonbaar en zichtbaar. En juist in dit zichtbare liggen bijzondere kansen. Musea kunnen een duidelijke boodschap uitdragen naar museumbezoekers.”