Op 1 januari 2014 gaan de Natuurbeschermingswet (Nbwet) en Flora- en faunawet (Ffwet) op het gehele Nederlands Continentale Plat (NCP) gelden. Dit kan gevolgen hebben voor de planning en uitvoering van uw offshore activiteiten.

Het niet voldoen aan de natuurwetgeving kan ertoe leiden dat een project vertraging oploopt totdat de vergunning of ontheffing rond is. Dit zijn vaak grote kostenposten. Door de productie van onderwatergeluid bij diverse offshore initiatieven is dit een reëel risico. Al in de planvormingsfase kan Royal HaskoningDHV inzicht geven in effecten op natuur en het 'papierwerk' regelen, zodat vertraging of onnodige extra kosten worden voorkomen.

Er is bijvoorbeeld een ontheffing van de Flora- en faunawet nodig bij seismologisch onderzoek en constructie werkzaamheden, zoals bij de bouw van windturbines. Royal HaskoningDHV heeft veel inspraak gehad in de methodiek van toetsing van het offshore beleid van de Nbwet en Ffwet. Simpelweg de toetsing van land naar zee doortrekken is niet mogelijk. De Ffwet verlangt gedetailleerde soorten inventarisatie van het projectgebied. Dit is gezien de onrealistische inspanning niet haalbaar voor de Noordzee en we hebben dit dan ook duidelijk gemaakt bij de vergunningverlener.

Onderwatergeluid

Voor het bepalen van de mate van onderwatergeluid door heiwerkzaamheden voor windparken is een model beschikbaar. Dit model brengt in combinatie met expert-judgement de effecten op vissen, de gewone zeehond en de bruinvis in beeld. Voor andere typen onderwatergeluid is het model nog niet bruikbaar. TNO werkt hier in samenspraak met de Werkgroep Onderwatergeluid aan, evenals aan het bepalen van normen om vooraf criteria vast te stellen waaraan een initiatiefnemer moet voldoen. Bijvoorbeeld de productie van een bepaalde mate aan geluid, of een maximum aan te beïnvloeden dieren. Royal HaskoningDHV heeft zitting in deze Werkgroep Onderwatergeluid.

Wij hebben mijnbouwmaatschappijen ondersteuning geleverd bij het verkrijgen van de vergunning voor onder meer de Flora- en faunawetontheffing en Natuurbeschermingswet. Daarbij werd duidelijk dat initiatiefnemers meer dan voorheen de werkzaamheden met elkaar moeten afstemmen, omdat slechts enkele initiatieven gelijktijdig kunnen plaatsvinden. Zo kunnen we significante negatieve effecten op bijvoorbeeld zeehonden en walvisachtigen voorkomen. Vooralsnog houdt het bevoegd gezag vast aan een maximum te beïnvloeden dieren. Daarbij hanteert de vergunningverlener het principe 'wie het eerst komt... krijgt de vergunning/ontheffing'.