Als er ergens een probleem is met stijgend water aan een kust, dan kun je een dijk maken; die houdt het water tegen. En als het waterniveau stijgt, maak je een dijk hoger. Begrijp me goed, soms moet dat gewoon. Maar ik pleit ervoor om steeds een stapje verder te gaan en om wat meer naar links en naar rechts te kijken.

Bij nature based solutions moet je op de lange termijn durven denken, gaan voor duurzame oplossingen die veerkracht bezitten, en daarmee kunnen meebewegen met ontwikkelingen, zoals de klimaatverandering. Dat doe je door omstandigheden te creëren waardoor de natuur haar werk kan doen. Je houdt dus niet alleen rekening met de natuurlijke systemen, je maakt er juist dankbaar gebruik van, voor de functionaliteit die je nodig hebt om je probleem te helpen oplossen.

En als je decennia vooruitkijkt en ziet wat de zeespiegel gaat doen, dan moet je ook durven te zeggen dat iets op een gegeven moment niet meer te handhaven is, dat je op verschillende plekken in de wereld echt niet meer moet bouwen, of heel anders om moet gaan met de ruimte. Dat kunnen lastige boodschappen zijn in een wereld die vaak snelle oplossingen verlangt.

Nadenken over nature based solutions betekent dat je alle opties verkent, naar de modellen kijkt en je steeds afvraagt: vind ik het logisch, ook als ik afstand neem en de opgave integraal bekijk, op de langere termijn? Daarvoor moet je alle beschikbare kennis aan elkaar knopen. Ecologie, morfologie, grondmechanica, hydrologie, meteorologie, klimaatkennis, gewoon alles wat er is. Oók de lokale kennis van mensen die al generaties lang in een gebied wonen, de hele sociale context. Pas dan krijg je een bepaald gevoel van de systeemwerking. Vanuit die denkkracht en die kennis kun je scenario’s maken. Dan kun je uitkomen bij volledige nature based solutions, maar ook bij mengvormen en soms zelfs harde infrastructurele oplossingen als een acute oplossing nodig is. Het is aan ons om goede scenario’s neer te zetten. En op basis daarvan kunnen de beslissers dan gefundeerde keuzes maken.

De relatieve onzekerheid van een ‘zachte’ nature based oplossing heeft een belangrijk extra voordeel: het is eenvoudiger om in te grijpen en een oplossing aan te passen als de ontwikkelingen daarom vragen. Dat past bijna per definitie goed bij een veerkracht-strategie: wendbaarheid is dan immers een voorwaarde.

Een mooi voorbeeld van een nature based solotion is het Marconi-project bij Delfzijl. Samen met Ecoshape hebben we, als ecodynamisch alternatief voor dijkverhoging, een strandpark bedacht met kwelders, vogelbroedplaatsen en recreatie. Het plan bood ruimte aan het getij en aan de natuurlijke ontwikkeling. Wij dachten aanvankelijk dat er aarzeling zou zijn om het plan uit te voeren. Maar er was vooral enthousiasme, binnen een jaar was het geregeld. Omdat de bestuurders het aandurfden en erin geloofden. In die kwelders doen we allerlei experimenten. We willen zoveel mogelijk leren van wat we om ons heen zien gebeuren. De Marker Wadden zijn er ook een voorbeeld van. Bouwen met slib: hoe werkt dat in de praktijk? Kloppen onze modellen? En hoe kunnen we dit op grotere schaal gaan gebruiken om ecosystemen te verbeteren terwijl we gebruik maken van een voorheen ‘inferieur’ materiaal als slib?

Als je kennis blijft vergaren en verschillende disciplines combineert, stijgt de betrouwbaarheid van je modellen en scenario’s en komen we tot nieuwe, inspirerende keuzemogelijkheden.We kijken vandaag vooruit naar de toekomst, en vanuit de toekomst terug naar vandaag. Ik ben ervan overtuigd dat we vaker en sneller zullen uitkomen bij nature based solutions. Omdat we blijven nadenken, blijven leren, verbindingen zoeken en de natuursystemen steeds beter snappen. Daardoor kunnen we steeds vaker vandaag al die twee gebakjes aanbieden.